Aangezien de overactiviteit van de mestcellen bij elke patiënt uniek is en er geen enkele MCAS-patiënt gelijk is zal de therapie altijd individueel moeten worden toegepast.
De (reguliere) behandeling van MCAS is gericht op symptoombestrijding, het verzachten van de symptomen en de kwaliteit van leven verbeteren. De complementaire therapie is daarnaast gericht op achterhalen van de onderliggende oorzaken van MCAS en deze behandelen.

  • H1 en H2 antihistaminica
  • Mestcelstabilisatoren
  • Leukotriënblokkers
  • Vermijden van triggers in voeding zoals histaminerijke voeding en histaminevrijmakers
  • Vermijden van voedselintoleranties zoals gluten, lactose, fructose, tarwe, koemelk (per persoon verschillend)
  • Vermijden van triggers zoals sterke geuren, harde geluiden, heet douchen
  • Stressreductie en ontspannings- en ademhalingsoefeningen
  • Traumatherapie afhankelijk van de disbalans en de behoefte van de persoon
  • Complementaire geneesmethoden afhankelijk van de wens en behoefte van de persoon
  • Zenuwstelseldisbalans herstellen met daarin gebruikmakend van verschillende technieken afhankelijk van de wensen van de persoon
  • Hormonale disbalans herstellen
  • Darmdisbalans herstellen
  • Slaapherstel, voldoende rust en leefstijladviezen
  • Voedingssuppletie en complementaire middelen

De reguliere basistherapie bij MCAS is gericht op het verminderen van mestcelactivatie en het afzwakken van de effecten van mestcelmediatoren, waaronder histamine. Het is daarbij belangrijk te beseffen dat deze behandeling doorgaans niet het histamineniveau verlaagt, maar vooral de histaminereceptoren blokkeert en daarmee de klachten kan verminderen.
Voedings- en leefstijlaanpassingen vormen daarom een essentieel onderdeel van de behandeling, al dan niet in combinatie met medicatie. MCAS vraagt om een brede, integrale aanpak die verder gaat dan uitsluitend symptoombestrijding.

Histamine is namelijk niet de onderliggende oorzaak van MCAS, maar een uiting van een onderliggende disbalans. Om duurzame verbetering te bereiken, is het belangrijk om de factoren die bijdragen aan mestcelactivatie te identificeren en waar mogelijk aan te pakken. Deze onderliggende oorzaken verschillen van persoon tot persoon.

Daarom vraagt MCAS om een persoonlijke behandeling op maat, waarbij niet alleen de symptomen worden behandeld, maar ook aandacht is voor de individuele triggers, belastende factoren en onderliggende mechanismen die de aandoening in stand houden.

Bepaalde voeding is bij veel mensen met MCAS een prikkel. Veel voeding bevat histamine. Bij MCAS hebben veel mensen baat bij een histamine-laag dieet. Er zijn veel voedingsmiddelen met een hoog histamine gehalte, zoals paprika, tomaat, aardbei en nog veel meer.

Op de site https://mestcelactivatie-syndroom.nl/product/histamine-poster/ kunt u een poster kopen, waarop een overzicht staat van voedingsmiddelen die hoog of laag in de histamine zitten. Een hulpmiddel bij het aanpassen van de voeding.

Tevens gaat voeding meer histamine bevatten als ze langer liggen. Dus hoe verser de voeding is, hoe minder histamine.

Regelmatig gedoseerd bewegen en oefenen lijkt een belangrijke factor in de behandeling van MCAS te zijn, waarbij overbelasting vermeden moet worden. Dit vormt immers een prikkel voor mestcellen. Zoals stevige wandelingen, hardlopen, conditietraining kunnen een trigger zijn en dat zal per persoon weer moeten worden getest.

Ook het vermijden van stress is belangrijk in het leven met MCAS. Stress is een zeer belangrijke trigger voor de mestcellen. Velen denken dat stress de oorzaak van MCAS is maar dit is een misverstand, het is een trigger die de klachten verhogen en de mestcellen activeren.

Medicamenteuze therapie moet op voorschrift van de arts plaatsvinden, waarbij de medicatie stap voor stap moet worden uitgeprobeerd, om te kijken wat de resultaten zijn. Een deel van de MCAS-patiënten kan met een goed aangepaste medicatie redelijk symptoomvrij zijn.
Een eenduidig medicatiebeleid is bij MCAS niet mogelijk omdat er nog veel wetenschappelijke studies plaatsvinden, er nog veel onbekend is, het een multisysteem ziekte is en deze zeer complex is om te behandelen. Er zijn nog veel onderzoeken nodig om alle aspecten van MCAS in kaart te brengen. Wel is er een consensus-2 besluit over de aanpak van MCAS. Deze is te lezen op de pagina ‘diagnose’.

Bij de behandeling met medicatie moet er rekening worden gehouden met de bijwerkingen van de medicatie. Alle medicijnen kunnen bijwerkingen en vaak is het een afweging of het medicijn voldoende verlichting van de MCAS verschijnselen geeft of dat er gezocht moet worden naar andere medicatie of behandelmethoden.  Daarnaast moet er rekening worden gehouden met de vulstoffen en additieven in medicijnen waar veel MCAS patiënten op kunnen reageren. Uitproberen van verschillende medicatie, met dezelfde werkzame stof, maar een andere samenstelling van vulstoffen is vaak nodig totdat er een preparaat wordt verdragen door de patiënt. Het vergt veel tijd en geduld voor de patiënt en arts.

De behandeling van de ziekte zal altijd individueel moeten worden aangepast omdat het medisch niet altijd mogelijk is te voorspellen welke combinatie van medicijnen tot het beste resultaat zal lijden. De persoon zeer individuele symptomen heeft en de behandeling daarop gericht zal zijn. Langdurig en veel uitproberen en voorzichtig invoeren zijn belangrijke stappen daarin. Veel patiënten zullen samen met de gespecialiseerde arts, stap voor stap de medicatie gaan opbouwen en uitproberen. Alle medicatie moet één voor één worden uitgeprobeerd, dit om te bepalen wat een positief effect heeft en geen trigger is.

Antihistaminica zijn regulier de eerste keuze bij MCAS. Antihistaminica lossen het histamineprobleem niet op, ze blokkeren de histaminereceptoren van de cellen maar ze breken histamine niet af. Voor het beste resultaat moet je dus ook je histamine inname verminderen zoals de voeding, leefstijlfactoren en andere triggers aanpakken.

  • Histamine 1-blokkers, bijvoorbeeld desloratidine, cetirizine, hydrochloride, fexofenadine
  • Histamine 2-blokkers, bijvoorbeeld cimetidine, famotidine
  • Mestcelstabilisatoren, bijvoorbeeld ketotifen (tevens een H1 blokker) en cromoglycinezuur (nalcrom)
  • Leukotriënreceptorblokker, bijvoorbeeld montelukast

Er zijn verschillende supplementen die kunnen worden ingezet bij MCAS afhankelijk van de behoefte en disbalans zoals: vitamine C,
vitamine d, quercetine, magnesium, zo zijn er veel mogelijkheden. Ook hier geldt, dat patiënten met MCAS heftig kunnen reageren op de supplementen en de vulstoffen en kleurstoffen in een supplement.

Nogmaals het is belangrijk om te beginnen met één medicijn, om zo te kunnen constateren welk positief effect deze heeft en welke bijwerkingen de medicatie mogelijk heeft. Vervolgens opbouwen indien nodig met een ander medicijn. Ditzelfde geldt voor supplementen, één voor één opbouwen. Bij het testen geen medicatie en supplement tegelijk uitproberen want dan heb je geen objectief beeld van welk middel wat doet. Bij MCAS zal de startdosering van een medicijn of supplement vaak heel laag zijn om reactie te voorkomen.